Info

Bouwen in tijden van klimaatverandering

Na de dreigende hoogwaterstanden in de Nederlandse rivieren in 1993 en 1995 is er een tijdje een stop geweest op bouwen in het rivierbed. We kregen te maken met het programma Ruimte voor de rivier en het Deltaprogramma. Hoe zit het nu met bouwen in het rivierbed, in tijden van klimaatverandering? Zijn er regels en zo ja, wat geldt er dan? Uit de richtlijnen valt op te maken dat bouwen in het rivierbed onder voorwaarden mag. Dan moet je je nog wel afvragen of het een goede keuze is, gezien alle onzekerheden die gepaard gaan met klimaatverandering. Dit artikel probeert een overzicht te geven.

 

foto van Meinerswijk tijdens hoogwater, 1948

 

Voorgeschiedenis

In 1995 was het risico op een dijkdoorbraak zo groot dat 250.000 inwoners van het Gelderse rivierengebied geëvacueerd moesten worden. De Rijn bereikte een recordhoogte van NAP +16,68 m bij Lobith; de waterafvoer was ca 12.000 m3/seconde. Nog maar twee jaar daarvoor was er ook al een zeer hoge waterstand gemeten in de Rijn. Na deze gebeurtenissen kwam de overheid met het Deltaplan voor de grote rivieren en zijn er allerlei maatregelen genomen. Met het programma “Ruimte voor de rivier” zijn dijkverbeteringen en graafwerkzaamheden in de uiterwaarden uitgevoerd, allemaal om de rivieren letterlijk meer de ruimte te geven en de risico’s bij hoog water te verminderen. Uiterwaarden zijn gronden tussen een winterdijk en de bedding van een beek of rivier. Het rivierbed is de ruimte tussen de dijken en omvat de rivier zelf en de uiterwaarden. De belangrijkste functie van een uiterwaard is ruimte bieden aan de rivier om veel water te bergen en afvoeren. Het programma startte in 2006 en eindigt in 2019.

Bij Arnhem werd de uiterwaard bij Stadsblokken en Meinerswijk vergraven, waardoor een groene rivier ontstond, die bij hoog water extra ruimte levert om het water af te voeren (zie infographic[i]). Geschat is dat door dit project het water zeven centimeter lager komt te staan bij hoogwater. Het gezamenlijke effect  van alle ruimte-voor-de-rivier maatregelen langs de Rijn is dat deze veilig 16.000 m3/seconde kan afvoeren[ii]. (De foto is van de dijk bij Ochten tijdens het hoogwater 1995).

In 2008 kwam de Deltacommissie met een advies over hoe Nederland zo ingericht kan worden dat het ook op de zeer lange termijn veilig is tegen overstromingen, en een aantrekkelijke plaats is en blijft om te wonen, werken, recreëren en investeren. De Deltacommissie schrijft in 2008: “De Deltacommissie meent dat er rekening moet worden gehouden met een zeespiegelstijging van 0,65 tot 1,30 meter in 2100 en van 2 tot 4 meter in 2200. Het effect van bodemdaling is hierin meegenomen. Deze waarden vertegenwoordigen de mogelijke bovengrenzen; het is verstandig om hiermee rekening te houden, zodat de besluiten die worden genomen en de maatregelen die worden getroffen voor lange tijd houdbaar zijn tegen de achtergrond van wat Nederland mogelijk te wachten staat. De temperatuurstijging en veranderende luchtcirculatie leiden voor de Rijn en de Maas tot afnemende zomer- en toenemende winterafvoeren. Voor de maximale afvoer van de Rijn moet rond 2100 rekening worden gehouden met ongeveer 18.000 m3/s.” Voor de uitvoering van het advies is het Deltaprogramma in het leven geroepen[iii]. Ruimte voor de rivier is onderdeel geworden van het Deltaprogramma, en bereikt dus na afronding voor de Rijn nog niet de afvoercapaciteit die door de Deltacommissie is aanbevolen.

 

Beleidslijn grote rivieren

Bij bouwen in Stadsblokken en Meinerswijk gaat het om bouwen in het winterbed, de ruimte tussen de dijken. Om wegwijs te worden in de geldende regels is de overheids-website http://www.infomil.nl informatief. Het thema “bouwen-winterbed”, verwijst naar de Beleidslijn grote rivieren en een bijbehorende handreiking, die in 2014 is herzien[iv].

Uit de handreiking is het volgende af te leiden:

Het beleid heeft als doel om:

  • de beschikbare afvoer- en bergingscapaciteit van het rivierbed te behouden en
  • ontwikkelingen tegen te gaan die rivierverruiming door verbreding en verlaging van het rivierbed nu en in de toekomst onmogelijk maken.

Het beleid gaat uit van eigen risico en verantwoordelijkheid: initiatiefnemers in het rivierbed zijn zelf aansprakelijk voor schade en zelf verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen om zich tegen mogelijke schade te beschermen.

Voor bedijkte rivieren zoals de Rijn is het “stroomvoerende regime” van toepassing, wat zoveel inhoudt dat obstakels in het rivierbed moeten worden voorkomen. “Dit vraagt om terughoudendheid bij het toestaan van nieuwe ontwikkelingen in het rivierbed”. Onder dit regime geldt dat voor niet-riviergebonden activiteiten, zoals woningbouw, een “nee, tenzij” principe. Dat wil zeggen dat er geen toestemming kan worden gegeven voor uitbreiding of nieuwe niet-riviergebonden activiteiten, tenzij er bijzondere omstandigheden zijn.

Een van de bijzondere omstandigheden kan zijn dat een activiteit uiteindelijk meer ruimte voor de rivier oplevert. Woningbouw is de beleidslijn als voorbeeld genoemd, omdat met de opbrengst daarvan maatregelen kunnen worden genomen waardoor de afvoer- en bergingscapaciteit van het bestaande rivierbed wordt uitgebreid. Deze rivierverruiming moet in verhouding staan tot de geplande activiteit (bijvoorbeeld woningbouw) en moet plaats vinden op een goede locatie voor de rivier, wat wordt beoordeeld door de rivierbeheerder. De initiatiefnemer draagt de kosten van de rivierverruimende maatregel. Daarbij moet het gaan om maatregelen waar je geen spijt van kunt krijgen. Dus niet een maatregel die nu meer ruimte oplevert, maar op de lange termijn betere oplossingen kan blokkeren of heel duur maakt.

Verder wijst de handreiking erop dat de veiligheid in het rivierbed een verantwoordelijkheid is van lokale overheden. Gemeenten kunnen bepalingen in bestemmingsplannen en bouwplannen opnemen die onveilige situaties kunnen voorkomen. Ook evacuatieplannen en aangepaste bouwvormen zijn daarbij belangrijk.

Volgens de handreiking kan het bouwen van woningen in Stadsblokken/Meinerswijk dus toegestaan worden, op voorwaarde dat er meer ruimte voor de rivier ontstaat en de verruiming geen blokkade voor de toekomst is. De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor de verruiming en de financiering daarvan, de gemeente voor de veiligheid. Dit was afgelopen zomer ook het antwoord van de Minister van Infrastructuur en Milieu op Kamervragen van SP-kamerlid Eric Smaling[v].

Klimaatadaptatie

Dat Stadsblokken en Meinerswijk geen droge voeten houden bij hoog water blijkt uit bovenstaand filmpje van Stadsblokken ten tijde van het hoogwater in 1995[vi]. Ook deze zomer nog moesten er voor een dancefeest nog maatregelen genomen worden omdat er onverwacht sprake was van hoogwater[vii]. Onlangs opende het Ministerie van Infrastructuur en Milieu de website (en app) “Overstroom ik?”[viii]. Volgens deze website kan, als het echt mis gaat, in Stadsblokken en Meinerswijk vier tot zes meter water komen te staan, zie illustratie. Helaas is het lastig te achterhalen wat “echt mis gaan” hier betekent. Het is in ieder geval niet ondenkbeeldig dat eventueel toekomstige bewoners van Stadsblokken/Meinerswijk te maken krijgen met extreem hoog water. Afhankelijk van de waterhoogte veranderen de te bebouwen plekken Stadblokken en Meinerswijk dan in eilanden in een stromende rivier, omdat het om hoger gelegen delen in het rivierbed gaat, of ze overstromen. Vragen die daarbij gesteld kunnen worden, zijn bijvoorbeeld:

  • Hoe lang blijven de eilanden via de weg bereikbaar bij stijgend water?
  • Zijn de eilanden, al dan niet verhoogd met slib uit een nog te graven extra geul, bestand tegen snel stromend water?
  • Is de infrastructuur die naar en op de eilanden moet worden aangelegd bestand tegen overstroming?
  • Zijn de huizen en inboedel te verzekeren tegen schade door overstroming?
  • Wie is verantwoordelijk voor de kosten van evacuatie?

Dit alles leidt tot de vraag of het een slimme keuze is om te willen bouwen in het rivierbed, ook al staan de geldende regels het toe. Zijn er geen betere plekken om te bouwen? Dit zijn ook vragen die aan de orde komen in de  ladder van duurzame verstedelijking, die wordt gebruikt door provincies bij beslissingen over stedelijke uitbreiding. Zie ook het GroenLicht artikel over economie en woningbouw.

Deze zomer verscheen een rapport van de European Environment Agency over stedelijke aanpassing aan klimaatverandering in Europa[ix]. Het rapport bevestigt de urgentie om aan klimaatadaptatie te werken, en onderscheid daarbij drie strategieën: “omgaan met”, “stapsgewijs” en “transformeren”.

In de strategie “omgaan met” rampen, zoals overstroming, wateroverlast of hittestress, wordt zo goed mogelijk gereageerd op de ramp en de schade herstelt. Dit betekent dat er bij iedere volgende ramp weer hoge kosten zijn.

Bij de strategie “stapsgewijs” worden extra maatregelen genomen, gebaseerd op bestaande technieken, om zich beter voor te bereiden op rampen. Hierbij zijn de voordelen dat de stad beter voorbereid is, maar het kan zijn dat de bestaande technieken niet afdoende zijn en er op termijn alsnog iets anders verzonnen moet worden.

Bij de strategie “transformatie” wordt het hele systeem aangepast, de stad wordt adaptiever, duurzamer en flexibeler. De aanvankelijke kosten en inspanningen zijn hoog, maar de lange termijn voordelen zijn groot, omdat het gemakkelijker is om aan te passen aan nog niet voorspelde gevolgen van klimaatverandering.

Het rapport stelt dat alle strategieën voor- en nadelen hebben, maar leest vooral als een pleidooi voor transformatie. Ook waarschuwt het rapport voor “vastleggende” keuzen: het kiezen van oplossingen die (lokaal) de flexibiliteit verminderen, de route naar veerkracht versperren en / of hoge toekomstige kosten met zich meebrengen. Bouwen op overstromingsgevoelige plaatsen wordt als zo’n vastleggende keuze benoemd. Als er eenmaal gebouwd is, dan kan dat bijna niet meer ongedaan worden gemaakt, en kunnen er tot in lengte van dagen veel extra kosten gemaakt moeten worden voor beheer en beveiliging. Als denkexperiment: wat zouden we kunnen doen met het geld dat Nederland besteedt aan beveiligen tegen overstromingen?

De vraag kan gesteld worden wat het klimaatakkoord van Parijs hier betekent. Als de wereldwijde temperatuurstijging tot maximaal twee graden wordt beperkt, is het dan nog nodig om rekening te houden met gevolgen van klimaatverandering? Het antwoord dat de meeste experts hierop geven, is een volmondig ‘ja’. We merken nu al de gevolgen van klimaatverandering, het KNMI heeft onlangs de klimaatscenario’s weer aangepast richting extremere effecten, en sommige experts vragen zich af of we niet rekening moeten houden met en temperatuurstijging van vier graden Celsius in plaats van twee. Veel hangt af van de wereldwijde uitvoering van het klimaatakkoord en we weten allemaal hoe weerbarstig de praktijk is van wereldwijde inspanningen om moeilijke problemen aan te pakken.

 

Joke van Wensem


[i] https://www.ruimtevoorderivier.nl/project/uiterwaardvergraving-meinerswijk/

[ii] https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/deltaprogramma/inhoud/deltaprogramma-werk-in-uitvoering

[iii] http://www.deltacommissaris.nl/

[iv] http://www.infomil.nl/onderwerpen/klimaat-lucht/handboek-water/activiteiten/werken-nabij-0/bouwen-winterbed/

[v] http://www.arnhem-direct.nl/berichten/minister-heeft-geen-bezwaar-tegen-bouw-in-stadsblokken-meinerswijk/

[vi] https://www.youtube.com/watch?v=mlg0AoCXxJw

[vii] http://www.gelderlander.nl/regio/arnhem-e-o/arnhem/dancefeest-free-your-mind-neemt-maatregelen-tegen-hoogwater-1.6069138

[viii] http://www.overstroomik.nl/

[ix] EEA 2016: Urban adaptation to climate change in Europe

 

Wil je reageren op dit artikel? Stuur dan een mail aan de redactie via groenlichtarnhem@gmail.com

GroenLicht

GroenLicht is de nieuws- en achtergronden site van GroenLinks Arnhem, gericht op leden, kiezers en sympathisanten van GroenLinks Arnhem. Regelmatig worden hier interviews, reportages en achtergrondartikelen geplaatst over maatschappelijke en politieke Arnhemse aangelegenheden. Ook zijn hier aankondigingen van GroenLinks activiteiten te vinden. Een site voor elke Arnhemmer!

Wij raden u daarom van harte aan om de laatste versie van een van de onderstaande browsers te downloaden. Dat is niet alleen verstandig omdat u daardoor de Linker kunt lezen, veelal is dit ook beter voor uw computer. De nieuwste versies van deze browsers zijn sneller en veiliger.